Jullie zitten hier voor jezelf

“Jullie zitten hier voor jezelf – niet voor mij! Ik heb mijn diploma al gehaald…!” Rood aangelopen gezicht, overslaande stem en een blik waarop een mengeling van frustratie en boosheid zichtbaar is. De klas is stil, gelaten luisteren ze naar de tirade. Niet voor het eerst, niet voor het laatst. Deze boodschap vergeten de leerlingen net zo snel als de lesstof die ze hadden moeten kennen vandaag.

Herken je de situatie? Waarschijnlijk wel, iedereen die ooit op de middelbare school heeft gezeten, heeft dit minimaal één keer gehoord, waarschijnlijk vaker. Als volwassene kun je je wel voorstellen hoe de docent zich voelt, je staat met hart en ziel voor de klas en lijkt de enige te zijn die ziet hoe belangrijk je vak is. Als leerling zie je dit net een beetje anders. Je zit daar helemaal niet voor jezelf, als het aan jou lag, was je ergens anders. Je bent daar vanwege leerplicht, omdat je ouders het willen, omdat je altijd wordt gesnapt als je spijbelt. (Die leraar is de enige die aan het einde van de maand wel betaald krijgt voor zijn aanwezigheid, dus hoezo staat hij daar niet voor zichzelf?)

In het aller gunstigste geval, zit een leerling op school voor de leraar. Omdat hij een boeiend verhaal heeft, omdat hij dingen vertelt die zijn klas interessant vindt of omdat hij de klas zo meeneemt in zijn vak, dat ze zijn huiswerk toch maar maken, ook al is het niet zo boeiend.

Ook bij werkplekopleiden is motivatie belangrijk. Het liefst willen we natuurlijk dat de deelnemers zelf enthousiast zijn om te starten met hun opleiding. Maar ook nu is dat niet altijd het geval. “Ik vond het gewoon heel spannend, ik heb nooit goed kunnen leren. Maar dit ging over mijn werk, dit snapte ik. En toen ik eenmaal de eerste toets had gehaald, toen ging de rest bijna vanzelf.” Dit antwoord horen we heel vaak als we vragen hoe een deelnemer de opleiding ervaart.

Dat eerste stapje om weer te gaan leren, dat is het lastigste stapje om te zetten. Daarom steken we graag een hand uit naar de deelnemers. We zorgen bijvoorbeeld voor goede mentoren die klaar staan met raad en daad. “Maar wat nu als ze zeggen “ik doe dat omdat het zo moet van Lenny?”” vroeg een nieuwe mentor. Deze vraag riep meteen het beeld van de ploeterende docent bij me op. Mijn antwoord was voor Lenny verrassend: “Dan is dat prima. Als jij ze zo kunt motiveren dat ze beginnen met leren omdat jij dat wilt, dan doe je iets heel goed!”

Eigenlijk is het namelijk niet zo belangrijk of je leert voor jezelf of voor de leraar/mentor. Het is belangrijk dát je leert. Het moment waarop je ervaart waarom het geleerde waardevol is, dat is het moment waarop je de motivatie vindt om echt te willen leren. Vanaf dan gaat het leren vanzelf. Wij helpen graag bij het geven van dat eerste zetje!

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.